Wennen aan het idee
Soms kondigt een politieke verschuiving zich niet aan met tromgeroffel, maar met een gedachte die langzaam begint te landen. Wiert Duk zei het de afgelopen dagen opnieuw: de kans is reëel dat Forum voor Democratie bij volgende verkiezingen opnieuw de grootste partij wordt.
Voor veel mensen klinkt dat nog onwerkelijk. Maar zo ondenkbaar is het niet.
Een minderheidskabinet dat structureel kan rekenen op slechts een kwart van de bevolking is per definitie kwetsbaar. Niet omdat oppositie verkeerd is, maar omdat legitimiteit in een democratie uiteindelijk drijft op draagvlak. Wanneer grote groepen zich niet vertegenwoordigd voelen, ontstaat politieke ruimte. En ruimte wordt altijd gevuld.
De vraag is dan niet of die ruimte wordt benut, maar door wie.
Thierry Baudet is jarenlang weggezet als provocateur, als buitenstaander, als te radicaal. Toch is het opmerkelijk hoeveel van zijn dossiers inmiddels onderwerp van breed debat zijn geworden. Zijn nadruk op het belang van de natiestaat en zijn fundamentele kritiek op de Europese Unie werden aanvankelijk als excentriek beschouwd. Inmiddels is scepsis over verdere Europese integratie geen randverschijnsel meer, maar mainstream discussie.
Hetzelfde geldt voor de euro. Voor migratie en open grenzen. Voor de democratische vernieuwing via referenda en een gekozen burgemeester. Voor de vraag of hervorming van de EU realistisch is, of dat fundamentele herbezinning nodig is.
Ook op andere terreinen liep hij voor de troepen uit. Het Oekraïne-referendum van 2016, samen met onder anderen Jan Roos gedragen, werd door een duidelijke meerderheid gewonnen. Het politieke establishment koos er vervolgens voor de uitslag via een ‘inlegvel’ feitelijk te neutraliseren. Dat moment heeft bij veel kiezers het vertrouwen in de bestuurlijke elite blijvend aangetast.
Of neem stikstof. De enorme discrepantie tussen Nederlandse normering en die in Duitsland is inmiddels geen complottheorie meer, maar een onderwerp van serieuze discussie. Klimaatbeleid, energietransitie, de rol van fossiele brandstoffen, compensatie voor Groningers, thema’s waar Baudet vroeg en scherp positie op innam.
Zijn ideeën over infrastructuur een luchthaven op zee, snelle railverbindingen naar het noorden worden vaak weggewuifd als visionair in de negatieve zin van het woord. Maar visie is per definitie iets wat vooruitloopt op het bestaande.
En daar zit misschien wel de kern.
Politiek gaat niet alleen over beheer. Niet alleen over begrotingen, uitvoeringsregels en compromissen in achterkamertjes. Politiek gaat ook over richting. Over het vermogen een verhaal te vertellen waar mensen zich toe kunnen verhouden. Over het opleiden van een nieuwe generatie bestuurders. Over het geloof dat Nederland méér kan zijn dan een uitvoeringskantoor van Brussel.
Dat verhaal wordt door Forum voor Democratie consequent verteld, hoe men er ook over oordeelt.
Internationaal zien we vergelijkbare bewegingen. Giorgia Meloni in Italië, Viktor Orbán in Hongarije, Alice Weidel in Duitsland, Marine Le Pen in Frankrijk. Gezond-rechts, nationaal georiënteerd, kritisch op supranationale structuren. Het is geen geïsoleerd Nederlands verschijnsel, maar een bredere Europese tendens. Rupert Lowe in het VK. Trump in de VS.
De vraag die boven de markt hangt, is dus niet alleen of Baudet gelijk had op afzonderlijke dossiers. De echte vraag is of Nederland toe is aan een andere politieke as. Aan een herwaardering van soevereiniteit, democratie en culturele continuïteit.
Mocht Forum voor Democratie inderdaad de grootste worden, dan is het idee van Thierry Baudet als minister-president niet langer een theoretische exercitie. Het wordt dan een reële mogelijkheid binnen het democratische spel.
Misschien is het daarom verstandig om alvast te wennen aan dat idee.
Niet uit adoratie. Niet uit afkeer.
Maar uit erkenning dat politiek uiteindelijk altijd in beweging is — en dat wat vandaag ondenkbaar lijkt, morgen gewoon werkelijkheid kan zijn.
GJM